tunnel

Wanneer u door een lange tunnel moet rijden, let dan extra goed op en respecteer de veiligheidsvoorschriften. Rijden in een tunnel is niet hetzelfde als op een gewone weg en een ongeluk zit in een klein hoekje ... We geven hier kort enkele belangrijke tips voor een veilige tocht door de tunnel en in geval van problemen.

 

Veilig rijden in een lange tunnel

 

 

  • Houd van tevoren rekening met eventuele lange tunnels op uw reisroute en denk eraan dat u niet in de tunnel mag stoppen.
  • Doe, vlak voor u de tunnel inrijdt, uw lichten aan, zelfs als de tunnel is verlicht.
  • Respecteer de maximumsnelheid en bewaar een afstand van 50 meter tot aan het voertuig voor u.
  •  

    In geval van problemen in de tunnel

     

     

  • Zet uw waarschuwingslichten (vier pinklichten) aan om de andere weggebruikers te alarmeren.
  • Behoud de afstand van 50 meter tot het volgende voertuig, zelfs in geval van langzaam rijdend of stilstaand verkeer.
  • Als het verkeer stilstaat: zet uw motor af en blijf in uw wagen zitten tenzij u andere instructies krijgt van het tunnelpersoneel of via de panelen.
  • Als u autopech hebt: zet uw waarschuwingslichten aan, parkeer uw wagen op de eerstvolgende pechstrook of desnoods aan de rechterkant van de rijbaan, zet uw motor af, maar laat de sleutel in het contact zitten. Doe een fluohesje aan, zet de gevarendriehoek minstens 100 meter achter uw wagen en verwittig de veiligheidsdiensten via een praatpaal.
  • In geval van brand: zet uw waarschuwingslichten aan en rijdt met uw voertuig de tunnel uit. Is dit onmogelijk, parkeer uw wagen dan aan de rechterkant en zet uw motor af, maar laat de sleutel in het contact zitten. Verlaat, samen met eventuele passagiers, het voertuig en ga naar de dichtstbijzijnde nooduitgang.
  •  

     

    Copyright: VZW Secunews

    Foto: http://nl.freepik.com