Op dinsdag 22 april 2014 om 7.00 uur start de firma Rentabel nv, in opdracht van Infrabel, met het vernieuwen van de metalen spoorwegbrug over de Steenweg, vlakbij de overweg. Tijdens deze werken wordt de doorgang onder de spoorwegbrug afgesloten voor het wegverkeer. Een wegomlegging wordt aangeduid door middel van verkeersborden.

Vanaf dinsdag 22 april om 7.00 tot zondag 4 mei om 17.00 uur wordt het doorgaand verkeer in beide richtingen omgeleid via de Steenweg (N405) – Hertstraat – Kortestraat – Regentiestraat.

Door de hoogtebeperking van de brug over de sporen in de Hertstraat wordt het vrachtverkeer boven de 3m30 omgeleid via de expresweg N45.

Vrachtverkeer komende van Aalst richting Ninove wordt omgeleid via Ninovesteenweg, Industrielaan, N45. Vrachtverkeer komende van Ninove richting Aalst wordt omgeleid via Iddergemstraat, Hoogstraat, N45.

Voetgangers en fietsers kunnen tijdens de werken de doorgang onder brug in alle veiligheid gebruiken.

Bron: http://www.denderleeuw.be/nl/press/2788/steenweg-in-welle-afgesloten-vanaf-22-april-tijdens-werken-spoorwegbrug.html


© Federale Police - Polimagery

Een werkstraf – soms ten onrechte “werken van algemeen belang” genoemd – is wel degelijk een hoofdstraf. Een rechter kan een werkstraf uitspreken op dezelfde wijze als en in plaats van een gevangenisstraf of een geldboete. Dit is een relatief nieuw verschijnsel in ons rechtssysteem, want de werkstraf werd pas in 2002 opgenomen in het Belgisch Strafwetboek.

Wanneer mag een werkstraf worden opgelegd?

In plaats van iemand die de wet heeft overtreden, op te sluiten in de gevangenis of te veroordelen tot een geldboete, kan hij dus ook worden gestraft met een werkstraf. Maar dat kan lang niet in alle gevallen. De wet voorziet bijvoorbeeld dat een werkstraf enkel mogelijk is voor overtredingen en wanbedrijven (dus niet voor misdaden), maar lijst bovendien nog een aantal misdrijven op waarvoor ook geen werkstraf mag worden uitgesproken. Hier kan niet van worden afgeweken. Zo is een werkstraf bijvoorbeeld niet mogelijk wanneer het gaat om een gijzeling, verkrachting of moord in al zijn verschijningsvormen (aanslag, kindermoord, vergiftiging...).

Hoe verloopt een werkstraf concreet?

Het aantal uren werk dat moet worden gepresteerd, hangt af van het soort misdrijf dat werd gepleegd. Een overtreding wordt bestraft met een werkstraf van 20 tot 45 uur, terwijl dat bij een wanbedrijf varieert van 46 tot 300 uur. Het maximumaantal uren kan worden verdubbeld in geval van recidive. De precieze omvang van de werkstraf wordt bepaald door de rechtbank. Daarbij kan de rechter rekening houden met alle omstandigheden: de ernst van het misdrijf, het oprechte berouw van de verdachte, de vergoeding van de slachtoffers...

Voordat een werkstraf effectief kan worden uitgesproken, moet de verdachte door de rechtbank voldoende zijn ingelicht over de draagwijdte van de straf en moet hij ook instemmen met de werkstraf. De rechter die een werkstraf uitspreekt, spreekt tegelijkertijd een vervangende straf uit – een gevangenisstraf of een geldboete – die enkel effectief wordt opgelegd wanneer de veroordeelde zijn werkstraf niet zou uitvoeren.

De uitvoering van de werkstraf wordt geregeld door een assistent van een justitiehuis, na overleg met de veroordeelde, en wordt opgevolgd door de probatiecommissie. Het is dus de taak van de justitieassistent, en niet van de rechtbank die de straf heeft uitgesproken, om concreet invulling te geven aan de werkstraf: het soort werk, de plaats en de werktijden. Enkele voorbeelden van mogelijke werkstraffen zijn klasseerwerk in een openbare bibliotheek, het onderhoud van openbare parken en tuinen, het verwijderen van graffiti of het helpen van bejaarden of gehandicapten.

De veroordeelde moet zijn werkstraf uitvoeren in zijn vrije tijd, dus naast zijn gewone werk of opleiding, en hij wordt hier niet voor vergoed. Hij heeft een jaar de tijd, te rekenen vanaf de datum van het definitieve vonnis, om zijn werkstraf uit te voeren.
Wanneer de veroordeelde zijn werkstraf niet of niet volledig uitvoert, licht de justitieassistent de probatiecommissie in en die kan – nadat zij de veroordeelde heeft gehoord – besluiten om de toepassing van de vervangende straf te vragen.

Tot slot

Tot voor kort werd een werkstraf niet ingeschreven in het strafregister, dat wil zeggen, het kwam niet voor op het uittreksel uit het strafregister (vroeger het “bewijs van goed gedrag en zeden” genoemd) dat wordt afgegeven aan particulieren. Door een ongelukkige speling van het lot als gevolg van de goedkeuring van de wet van 21 december 2009 tot hervorming van het hof van assisen, staat een werkstraf voortaan wél op het uittreksel van het strafregister. Dit probleem werd aanhangig gemaakt voor het Grondwettelijk Hof, die de betwiste bepaling nietig verklaarde. Sinds 2011 is er een wetsvoorstel hangende voor de Kamer van Volksvertegenwoordigers met het oog op de rechtzetting van deze onoplettendheid van de wetgever.
Een werkstraf wordt vaak gezien als een gunstige maatregel, omdat die de sociale (her)integratie van de veroordeelde vergemakkelijkt. Toch is deze straf wel degelijk dwingend. Deze vorm van bestraffing kadert alleszins in een nieuwe stroming die de gangbare gevangenisstraffen in vraag stelt en die door sommigen worden beschouwd als niet-doeltreffend of zelfs vernederend: een gevangenisstraf dwingt de veroordeelde immers tot passiviteit die weinig bevorderlijk is voor de nodige zelfreflectie. Overigens worden korte gevangenisstraffen niet altijd als zodanig uitgevoerd, maar moeten meer en meer worden uitgezeten onder elektronisch toezicht.

Marie Forthomme Juridisch stagiaire bij het parket van Luik

Bron: http://justitie.belgium.be/nl

Vorige week lanceerde het BIVV de campagne “Hij is te snel gegaan” samen met de website "Ik flits mee" (www.ikflitsmee.be), deze laatste is een samenwerking met de politie. In het kader van de campagne “Hij is te snel gegaan” is er vanaf vandaag ook een filmpje van 3 minuten en een applicatie beschikbaar.

BIVV