Basispolitiezorg
Geen enkele tekst legt een organigram van de lokale politie vast, maar om een minimale dienstverlening aan de bevolking te kunnen verzekeren, bepaalt het K.B. van 17 september 2001 zes functionaliteiten die voorzien moeten worden. Sedert het K.B. van 16 oktober 2009 (publicatie Belgisch Staatsblad: 29 oktober 2009) werd ook verkeer vastgelegd als basisfunctionaliteit.
De functionaliteiten zijn dus devolgende:
Onthaal
De functie onthaal bestaat uit het te woord staan van burgers die zich persoonlijk of telefonisch tot een politiedienst wenden. Indien nodig, worden burgers verwezen naar een interne of meer geschikte externe dienst. Het spreekt vanzelf dat in elke zone, de bereikbaarheid van de politie altijd wordt verzekerd. In de meergemeentenzones, beschikt elke gemeente over één of meerdere politieposten die, indien ze niet de klok rond bereikbaar zijn, aan de inwoner de mogelijkheid geven, om met technische hulpmiddelen in contact te komen met een politieagent. Zo kunnen burgers in onze zone die in nood verkeren, buiten de diensturen terecht aan het hoofdcommissariaat in Evergem. Aan de muur hangt daar immers een telefoon waarmee men rechtstreeks met de 101-centrale verbonden wordt.
Wijkpolitie
De wijkwerking is de hoeksteen van een naar de gemeenschap gerichte politiedienst. Deze functionaliteit bestaat in het aanbieden van een zichtbare, aanspreekbare en contacteerbare politiedienst, die in haar werking maximaal georiënteerd is op de behoeften en verwachtingen van haar omgeving. De buurtwerking wordt georganiseerd op basis van een geografische indeling van het grondgebied van de zone, rekening houdend met de lokale omstandigheden en de bevolkingsdichtheid. De minimale organisatienorm bedraagt 1 wijkinspecteur per 4.000 inwoners.
Interventie
De functie interventie bestaat erin om binnen een passende termijn een antwoord te bieden op elke oproep waarbij een politionele interventie ter plaatse noodzakelijk is. Dit antwoord kan, gezien het geval en de context (ernst, dringende noodzaak, aard van de feiten) onmiddellijk geschieden of uitgesteld worden. In dit laatste geval moet de hulpvrager op de hoogte gebracht worden van de oorzaak en duur van de vertraging. Deze functie wordt de klok rond binnen elke politiezone georganiseerd.
Lokale recherche
De functie opsporing en lokaal onderzoek (lokale recherche) bestaat uit de uitvoering van de opdrachten die bij voorrang door de lokale politie worden vervuld overeenkomstig de Wet op het Politieambt, de Wet van 07 december 1998 en een richtlijn van 20 februari 2002 van de Minister van Justitie. Het betreffen opdrachten van opsporing en onderzoek die voortvloeien uit de gebeurtenissen en criminaliteitsfenomenen op het grondgebied van de zone evenals enkele opdrachten van federale aard. In ieder lokaal politiekorps wordt 7 tot 10% van het effectief operationeel kader belast met deze recherchetaken.
Slachtofferbejegening
De functie politionele slachtofferbejegening bestaat in het verschaffen van een adequate opvang, informatie en bijstand aan slachtoffers. Elke politieambtenaar moet bekwaam zijn deze taak te volbrengen. In geval van confrontatie met zeer ernstig slachtofferschap, mag het korps beroep doen op een gespecialiseerd medewerker van de dienst slachtofferbejegening. Eén gespecialiseerd medewerker per korps geldt als minimale werkings- en organisatienorm. Verschillende zones kunnen een gezamenlijke pool deskundigen oprichten.
Openbare orde
De handhaving van de openbare orde bestaat in het vrijwaren en, in voorkomend geval, het herstellen van de openbare rust, de openbare veiligheid en de openbare gezondheid. Dit begrip, ruim gemeten, omvat niet enkel de problemen van handhaving van openbare orde tijdens evenementen van grote omvang (betogingen, voetbalwedstrijden, lokale festiviteiten, enzovoort), maar ook de milieuproblematiek en het verkeer.
Verkeer
Er werd bepaald dat minimum 8% van de totale werkcapaciteit van de zone besteed dient te worden aan verkeersveiligheid. Hiermee wil men een gelijkwaardige dienstverlening aan de bevolking verzekeren ongeacht in welke zone men woont.