Verkeersopdracht als zevende basistaak 

U las of hoorde het ongetwijfeld in de pers : voor de lokale politie wordt waken over verkeer een hoofdtaak. Verkeer en ordehandhaving in het verkeer worden nu expliciet als basistaak van de lokale politie ingeschreven. Naast wijkwerking, behoorlijk onthaal, slachtofferzorg, efficiënte interventie, lokaal speurwerk en het handhaven van de openbare orde wordt deze verkeersopdracht een zevende basistaak.

Repressief optreden is - naast preventie - één van de middelen om die opdracht te realiseren. Zulks betekent niet dat de politie zal verbaliseren om te verbaliseren. Dat kan geenszins de bedoeling zijn. Dit neemt niet weg dat elkeen te allen tijde de verkeersreglementering dient te respecteren, niet alleen door zijn snelheid aan te passen doch o.a. ook door zijn/haar voertuig op een reglementaire wijze te stationeren. We zijn ons bewust van het feit dat zulks - gelet op bepaalde plaatselijke toestanden - niet altijd even makkelijk is en dat zulks een inspanning vereist. Het feit dat men zich al sinds enige tijd verkeerdelijk stationeert zonder daarvoor te zijn beboet, mag ook niet geïnterpreteerd worden alsof de politie die toestand gedoogt.

Wij nodigen bijgevolg elkeen uit om de verkeersreglementering te respecteren. Het zal ongetwijfeld de gemeenschap ten goede komen en ongemakken en ergernis - zoals moeilijke doorgang, onveilige toestanden, ... - voorkomen.


Une police de la circulation comme septième tâche de base 

Vous l'avez certainement lu ou entendu dans la presse : veiller sur la circulation devient une des tâches principales de la police locale. La circulation routière et le maintien de l'orde dans ce domaine font dorénavant explicitement partie des sept tâches principales de votre police locale. A une police de proximité ou de quartier, un acceuil convenable, l'aide aux victimes, une intervention efficace, un service de recherche locale et au maintien de l'ordre public, la police de la circulation est ajoutée comme septième tâche de base.

Verbaliser - ainsi que la prévention - est un des moyens pour mener à bien cette tâche. Cela ne veut pas dire que votre police verbalisera 'pour verbaliser'. Cela ne peut nullement être l'objectif. Ceci n'empêche pas que tout un chacun doit à tout moment respecter la législation en matière de roulage, non seulement en adaptant la vitesse de son véhicule mais également en le stationnant réglementairement. Nous sommes conscients du fait que cela - compte tenu de certaines situations locales - n'est pas toujours évident et que cela demande un certain effort. Le fait qu'on s'est stationné depuis un bout de temps en infraction en toute impunité, ne peut nullement être interprêté comme si la police tolère cette situation.

Par conséquent nous invitons tout un chacun à respecter la réglementation de roulage. La communauté en tirera bénéfice et cela évitera énervement et désagrément comme des situation dangereuses, passages difficiles, ...      

                                      Afslaan = richtingaanwijzer aan !   

                                                                   

 De verkeersdienst van de politiezone WOKRA stelt vast dat veel bestuurders nog steeds hun richtingaanwijzer niet gebruiken bij het verlaten van een rotonde. Daarom zullen onze diensten daar extra aandacht aan besteden.

 De richtingaanwijzer gebruiken bij het verlaten van de rotonde verhoogt de verkeersveiligheid (andere weggebruikers kennen je rijrichting) en de verkeersdoorstroming (tegenliggers kunnen vlotter de rotonde oprijden). Daarenboven wordt deze overtreding aanzien als één van de meest irritante overtredingen. 

 Artikel 19.2  (KB 1-12-75) - richtingsverandering 

De bestuurder die naar rechts afslaat moet zijn voornemen tijdig genoeg kenbaar maken door middel van de rechter richtingaanwijzer wanneer het voertuig daarvan voorzien is of, zoniet, en indien mogelijk, door een teken met de arm. Deze aanduiding moet ophouden zodra de beweging uitgevoerd is.

Het oprijden van een rotonde wordt beschouwd als een richtingsverandering waarbij de richtingaanwijzers niet gebruikt moeten worden.

Het verlaten van een rotonde is een richtingsverandering waarbij de richtingaanwijzers wel gebruikt moeten worden. 

Een onmiddellijke inning kost 50€.

Laat u niet verrassen en maak er alvast een goede gewoonte van : van richting veranderen = richtingaanwijzer aan ! 

      

                         Changer de direction = utiliser vos clignotants !  

                                                                   

Le service de roulage de la zone de police WOKRA constate que beaucoup de conducteurs n'utilisent pas les feux indicateurs de direction en quittant un rond-point. C'est pourquoi nos services prêteront plus d'attention à ce problème. 

Utiliser les indicateurs de direction en quittant un rond-point augmente la sécurité routière (les autres usagers connaissent ainsi vos intentions) ainsi que la fluidité du traffic (les autres conducteurs savent plus facilement accéder au rond-point). L'infraction de ne pas utiliser ses indicateurs de direction dans ces circonstances figure parmis les infractions les plus irritantes.

Artikel 19.2  (1-12-75) – changement de direction

Le conducteur qui tourne à droite doit indiquer son intention suffisamment à temps au moyen des feux indicateurs de direction de droite lorsque le véhicule en est pourvu ou, sinon, et si possible, par un geste du bras. Cette indication doit cesser dès que le mouvement est accompli.

Le fait d'entrer dans un rond-point constitue un changement de direction n'impliquant pas l'usage des indicateurs de direction.

Le fait de sortir d'un rond-point est un changement de direction impliquant l'usage des indicateurs de direction.  

Une perception immédiate coûte 50€.

Ne vous laisser pas surprendre et faites-en une bonne habitude : changer de direction = utilisation des clignotants !

De veiligheidsgordel

 

Enkele cijfers

 

Algemeen gesproken vermindert de gordel het gevaar voor schedeltrauma’s met meer dan 40 % en de kans op overlijden of letsels met ongeveer 50 %. Wat veel weggebruikers niet weten, is dat er zonder gordel reeds vanaf 20 km/u gevaarbestaat om te overlijden. Sommigen denken dat ze zichzelf of hun kind bij een ongeval kunnen beschermen zonder gebruik te maken van de veiligheidsgordel. Zelfs een botsing met relatief lage snelheid oefent enorme krachten uit op de inzittenden. Hou steeds voor ogen dat de impact bij een botsing met een snelheid van 50 km/uovereenkomt met 35 maal het gewicht van de persoon. Een volwassene van 75 kg verandert dus in een massa van meer dan... 2,5 ton! Sinds 1991 is de gordel ook achterin verplicht, waar hij trouwens even doeltreffend is. De passagiers achterin kunnen bij een ongeval tegen de inzittenden voorin gesmakt worden en zo ernstige letsels veroorzaken, reden temeer om zich vast te klikken. Zo wees een studie uit dat 80 % van de verkeersdoden onder de inzittenden voorin had kunnen worden voorkomen indien de passagiers achterin de gordel hadden omgedaan! 

Wat zegt het verkeersreglement ?  (artikel 35 – K.B. 1-12-75)

Alle inzittenden van een auto (1) moeten de veiligheidsgordel dragen op plaatsen die ermee uitgerust zijn, zowel voorin als achterin. Alle inzittenden van andere motorvoertuigen moeten de veiligheidsgordel dragen op plaatsen die ermee uitgerust zijn.Plaatsen die uitgerust zijn met een gordel of met een beveiligingssysteem voor kinderen moeten eerst ingenomen worden.De gordel en de beveiligingssystemen voor kinderen moeten zodanig gebruikt worden dat zij een optimale bescherming bieden. De gordeldracht is niet verplicht voor:- bestuurders die achteruit rijden;- bestuurders van taxi’s wanneer zij een klant vervoeren;- personen in het bezit van een vrijstelling op grond van gewichtige  medische tegenindicaties;- bestuurders en inzittenden van prioritaire voertuigen, indien de aard van hun opdracht het rechtvaardigt;- postbeambten die achtereenvolgens, op plaatsen die op korte afstand van elkaar gelegen zijn, postzendingen uitreiken of ophalen. Opgelet: voor bestuurders kleiner dan 1,50 m en leveranciers is de gordeldracht opnieuw verplicht.  

Onder de 18 jaar :

Algemene regelKinderen kleiner dan 1,35 m moeten in een aangepast beveiligingssysteem voor kinderen vervoerd worden. Kinderen van 1,35 m of meer moeten in een aangepast beveiligingssysteem voor kinderen vervoerd worden of de gordel dragen. 

Uitzonderingen op de algemene regel, in personenauto’s en lichte vrachtauto’s :

Wanneer het niet mogelijk is om op de achterbank een 3e beveiligingssyteem voor kinderen aan te brengen omdat de 2 andere reeds in gebruik zijn :  

-          mag een 3e kind van 3 jaar of meer (en kleiner dan 1,35 m) toch achterin meerijden. Het moet dan de veiligheidsgordel dragen. 

In uitzonderlijke gevallen en over korte afstanden, wanneer de vervoerde kinderen geen kinderen zijn van de bestuurder:

-          mogen kinderen van 3 jaar of meer toch achterin meerijden indien er geen of onvoldoende aangepaste beveiligingssystemen voorzien zijn. Zij moeten dan de veiligheidsgordel dragen.  

Taxi’s, autocars, autobussen, personenauto’s met meer dan 8 passagiers.

Kinderen moeten, net als alle andere passagiers, de gordel omdoen op plaatsen waar deze voorzien is. Bovendien moeten kinderen kleiner dan 1,35 m verplicht achterin de taxi plaatsnemen indien er geen beveiligingssyteem voor kinderen voorzien is. 

Personenwagens die niet uitgerust zijn met veiligheidsgordels.

Kinderen ouder dan 3 jaar en kleiner dan 1,35 m moeten achterin meerijden. Kinderen jonger dan 3 jaar mogen niet meerijden. 

Mogen kinderen voorin meerijden?

Ja, kinderen mogen op iedere leeftijd voorin meerijden op voorwaarde dat zij vastgeklikt zijn volgens de wettelijke voorschriften.Enige beperking: het is verboden om een kind in een beveiligingssysteem te plaatsen tegen de rijrichting in, op een plaats die uitgerust is met een frontale airbag, behalve als deze buiten werking gesteld is. 

Hoeveel kinderen mag men vervoeren?

Ieder kind moet over een volwaardige plaats in de wagen beschikken.Men mag dus zoveel kinderen vervoeren als er zitplaatsen voorzien zijn. 

Aan welke homologatienorm moet een autozitje voldoen ?

Vanaf 10 mei 2008 moet elk kinderbeveiligingssysteem dat gebruikt wordt in ons land voldoen aan de meest recente Europese normen:R44/03 of R44/04. Zitjes die niet voldoen aan deze normen, mogen niet meer gebruikt worden (1)   Onder “auto’s” verstaat men: personenauto’s, breaks, lichte vrachtauto’s, minibussen, kampeerauto’s, vrachtauto’s en autocars.     

La ceinture de sécurité

 

 

Quelques chiffres

 De manière générale, la ceinture réduit de plus de 40% le risque de traumatisme crânien et d’environ 50% le risque de décès ou de lésions en cas d’accident. Sans ceinture, le risque d’être tué existe à partir de 20 km/h, ce que beaucoupd’usagers ignorent. Certaines personnes se croient capables de se protéger ou de protéger un enfant sans l’aide de la ceinture en cas d’accident. Pourtant, même une collision à une vitesse relativement faible exerce une force colossale sur les occupants. Rappelons que, lors d’un choc à 50 km/h, la force d’impact correspond à 35 fois le poids de la personne. Ainsi, un adulte de 75 kg se transforme en une masse de plus de... 2 tonnes et demie ! Depuis 1991, la ceinture est également obligatoire à l’arrière et elle y est d’ailleurs tout aussi efficace. Un incitant supplémentaire pour les passagers arrière: lorsqu’ils ne sont pas attachés, ils peuvent heurter ceux assis à l’avant encas d’accident et provoquer de graves lésions. Une étude a ainsi montré que 80% des décès recensés parmi les passagers avant seraient évitables si les passagers arrière bouclaient leur ceinture ! 

Que dit la réglementation? (article 35 – A.R. 1-12-75)

Tous les occupants des véhicules automobiles (1) doivent porter la ceinture de sécurité aux places qui en sont équipées, tant à l’arrière qu’à l’avant. Tous les occupants des véhicules à moteur, autres que les véhicules automobiles, doivent porter la ceinture aux places qui en sont équipées.Les places équipées de ceintures ou de dispositifs de retenue pour enfants doivent être occupées en premier lieu.La ceinture et les dispositifs de retenue pour enfants doivent être utilisés de façon à ne pas diminuer la protection offerte. Sont dispensés du port obligatoire de la ceinture :- les conducteurs qui effectuent une marche arrière;- les conducteurs de taxis, lorsqu’ils transportent un client;- les personnes en possession d’une dérogation délivrée en raisond’une contre-indication médicale grave;- les conducteurs et les passagers des véhicules prioritaires, lorsque la nature de     leur mission le justifie. Attention: les conducteurs de moins de 1,50 m et les livreurs ne sont plus dispensés du port de la ceinture. 

Et les moins de 18 ans ? 

Règle générale:S’ils mesurent moins de 1,35 m, ils doivent voyager dans un dispositif de retenue pour enfants qui leur est adapté.S’ils mesurent 1,35 m ou plus, ils doivent voyager dans un dispositif de retenue pour enfants qui leur est adapté ou bien utiliser la ceinture de sécurité. 

Exceptions à la règle générale, dans les voitures et camionnettes : S’il est impossible d’installer, à l’arrière, un 3e dispositif de retenue pour enfants parce que 2 autres sont déjà utilisés :- Un 3e enfant de 3 ans ou plus (et de moins de 1,35 m) peut quand même voyager à l’arrière. Il doit alors porter la ceinture de sécurité. Dans des cas occasionnels et sur courte distance, pour les enfants transportés qui ne sont pas ceux du conducteur:- s’il n’y a pas de dispositif de retenue adapté dans le véhicule ou pas assez pour tous les enfants transportés, les enfants de 3 ans ou plus peuvent quand même voyager à l’arrière. Ils doivent alors porter la ceinture de sécurité.  

Et dans les taxis, autocars, autobus, véhicules transportant plus de 8 passagers ?

Les enfants, tout comme les autres passagers, doivent boucler la ceinture aux places qui en sont équipées. En outre, dans les taxis non équipés d’un dispositif de retenue pour enfants, les enfants de moins de 1,35 m doivent obligatoirement prendre place à l’arrière. 

Et dans les voitures non équipées de ceintures de sécurité ?

Les enfants de 3 ans et plus et de moins de 1,35 m doivent voyager à l’arrière. Les enfants de moins de 3 ans ne peuvent pas voyager. 

Les enfants peuvent-ils voyager à l’avant ?

Oui, les enfants peuvent, à tout âge, prendre place à l’avant pour autant qu’ils soient attachés comme la loi le prescrit. Seule restriction: il est interdit d’installer un enfant dans un dispositif de retenue dos à la route à une place de la voiture équipée d’un airbag frontal, sauf si celui-ci est désactivé. 

Combien d’enfants peut-on transporter ?

Chaque enfant doit disposer d’une place entière dans la voiture.On peut donc transporter autant d’enfants qu’il y a de places assises dans la voiture. 

A quelle norme d’homologation doit satisfaire un siège-auto ?

Depuis le 10 mai 2008, tous les dispositifs de retenue pour enfants utilisés doivent satisfaire aux normes européennes les plus récentes : R44/03 ou R 44/04. Les sièges qui ne répondent pas à ces normes ne peuvent plus être utilisés.   (1)  Par “véhicules automobiles”, on entend: les voitures, les breaks, les camionnettes, les minibus, les camping-cars, les camions et les autocars. 

Vorige12Volgende