Een verplaatsing per taxi is tegenwoordig heel gewoon. Veel mensen maken er gebruik van, bijvoorbeeld om naar huis terug te keren na een avondje uit. Toch is er een zekere mate van vertrouwen nodig in de chauffeur van de taxi. Wanneer u een taxi neemt, bevindt u zich tenslotte – al dan niet alleen – in de wagen van iemand die u helemaal niet kent. Om de veiligheid van taxigebruikers te verzekeren, is er een speciale wetgeving voor dit type van vervoer. Elke taxi moet dan ook aan een strenge eisen voldoen om een officiële goedkeuring te krijgen van de overheid.

Officieel of niet?

Maar hoe weet u nu of het om een officieel vergunde taxi gaat ? Heel eenvoudig: een goedgekeurde taxi moet in Vlaanderen een aantal uiterlijke kenmerken hebben. We sommen ze hier even voor u op.

De algemene staat van het voertuig

Voertuigen in dienst moeten zich in goede staat bevinden en de nodige kwaliteit, comfort, gemak en netheid bieden met betrekking tot de carrosserie en de cabine.

Taxikaarten

Elk voertuig in dienst heeft twee taxikaarten aan boord. Eén kaart wordt rechts onderaan aan de binnenkant van de achterruit bevestigd, de andere op de rugleuning van de voorste passagiersstoel (of bij een taxi met twee deuren op het dashboard).

Het taxilicht

Op het dak van de taxi staat een taxilicht dat gekoppeld is aan de taximeter. Het vermeldt zowel op de voor- als op de achterkant het woord “TAXI”. Het licht brandt alleen als de taxi vrij is, in alle andere gevallen niet. In Brussel en Wallonië vermeldt het licht ook een identificatienummer, en in Wallonië bovendien de naam van de vergunnende gemeente.

De kentekenplaat

Elk voertuig dat in dienst is – behalve de voertuigen die niet zijn ingeschreven bij de Dienst Immatriculatie van Voertuigen (DIV) van de FOD Mobiliteit, de motortaxi’s en de vervangingsvoertuigen – is uitgerust met een speciale nummerplaat. De groepsletters van deze plaat beginnen met “TX”, al dan niet voorafgegaan door een ’1’. Het opschrift bestaat uit een combinatie van drie letters gevolgd door drie cijfers of door een combinatie van drie cijfers gevolgd door drie letters. In Wallonië en Brussel kunnen er nog wel taxi’s met “klassieke” nummerkenplaten voorkomen. Naast de plaat staat dan vooraan “TAXI”, “RESERVE” (Brussel en Wallonië), “REMPLACEMENT” (Wallonië) of “RV” (Brussel).

De kleur van het voertuig

Voor taxi’s vergund in Vlaanderen en Wallonië zijn er geen regels wat betreft de kleur. In Brussel moeten ze zwart zijn en staat er op de vier deuren een dambordmotief in zwart en mangogeel.

Stedelijk taxireglement

De steden en gemeenten mogen een stedelijk taxireglement opleggen met bijkomende bepalingen, niet alleen over de voertuigen (maximumouderdom, kleur, milieuvereisten enz.), maar ook over de kwaliteitsvereisten om het beroep van taxibestuurder uit te oefenen in de gemeente (beroepsbekwaamheid, moraliteitsvereisten...).

Wat als u wordt geconfronteerd met een niet-officiële taxi?

Wanneer u twijfelt of het wel om een vergunde taxi gaat, zeker als meerdere van de bovenvermelde kenmerken ontbreken, dan stapt u best niet in en gaat u beter op zoek naar een andere taxi. Bovendien is het aan te raden om de politie of de gemeente hiervan op de hoogte te brengen (noteer indien mogelijk dan de nummerplaat).

Bron: http://www.gtl-taxi.be/  en   www.secunews.be