Stille drukjacht op everzwijn in Meerdaalwoud

Op 31 januari 2019 en 14 februari 2019 van 08u00 tot 14u00 zal opnieuw een stille drukjacht georganiseerd worden op everzwijnen in het Meerdaalwoud, Sinds 2016 is er een gevestigde populatie van naar schatting 100 dieren, tijdens de drukjacht van 22 november werden in het Meerdaalwoud 7 everzwijnen geschoten. Deze drukjacht past in de globale aanpak rond everzwijnen in dit gebied en gebeurt in nauw overleg met verschillende belanghebbenden. Er wordt samengewerkt met aanpalende jagers zowel in Wallonië als in Vlaanderen en verschillende lokale landbouwers nemen deel aan de jachtactiviteiten. Bij een stille drukjacht worden de dieren niet opgejaagd maar rustig in beweging gebracht, zodat ze op een veilige manier afgeschoten kunnen worden. De gebieden zullen daarbij voor het publiek afgesloten worden. Ook de pers kan omwille van die reden tijdens de drukjacht niet in het gebied komen.

Besluit ontoegankelijkheid drukjacht Meerdaalwoud (pdf, 543 KB)

Tussen 1958 en 2008 werden er in Vlaams-Brabant nagenoeg geen everzwijnen waargenomen. Vanaf 2012 werden er in het Meerdaalwoud everzwijnsporen gesignaleerd en vanaf 2016 werden de eerste biggen waargenomen door onze boswachters, wat wijst op een gevestigde populatie.

De dieren zijn wellicht vanuit Wallonië naar het Meerdaalwoud, het Heverleebos (https://www.natuurenbos.be/meerdaalwoud-en-heverleebos) en de Dijlevallei gemigreerd. Everzwijnen zijn gebonden aan grote loofbossen. Je vindt ze in alle grote West-Europese bosgebieden. Normaal gezien houden voedselgebrek, strenge winters en natuurlijke vijanden een everzwijnenpopulatie onder controle. Strenge winters zijn echter niet meer vanzelfsprekend, natuurlijke vijanden ontbreken en aan voedsel (maïs, eikels) is in onze natuur ook geen gebrek. Daardoor neemt de populatie snel toe, vooral in de Dijlevallei en het Meerdaalwoud.
Voordelig voor bossen, nadelig voor akkers en tuinen


Everzwijnen hebben zowel een positieve als een negatieve impact op hun omgeving. Ze spelen een belangrijke rol in de natuurlijke verjonging van soorten als eik en beuk, maar een te grote populatie kan het ecologisch evenwicht in bos- en natuurgebieden ernstig verstoren. Recreanten lopen weliswaar geen gevaar, zolang ze de dieren niet bedreigen of insluiten. Er was wel een melding van een loslopende hond die stevig werd aangepakt door een everzwijn. Everzwijnen zorgen echter ook voor schade. Landbouwers signaleerden al enkele schadegevallen, een paar tuinen werden 's nachts omgewoeld en er werd één verkeersongeval geregistreerd als gevolg van een aanrijding met een robuuste keiler (mannelijk everzwijn).
Deze situatie wordt nauwgezet opgevolgd. Het Agentschap voor Natuur en Bos heeft een centraal meldpunt (https://eloket.natuurenbos.be) voor schade en plaatste tientallen wildcamera's in Heverleebos, Meerdaalwoud, de Dijle- en de Laanvallei om zo een beter zicht te krijgen op de populatie en op de effecten van de maatregelen die afgesproken werden.


Sinds februari 2017 werden er in Vlaanderen tien faunabeheerzones opgericht. Meerdaalwoud, Heverleebos en de Dijlevallei vallen onder faunabeheerzone 8, waarin het Agentschap voor Natuur en Bos, de Boerenbond, de lokale wildbeheereenheden en de Vrienden van Heverleebos en Meerdaalwoud samen beslissen over de globale aanpak van de everzwijnenproblematiek. Deze verenigingen erkennen de waardevolle rol die everzwijnen spelen binnen het ecosysteem van grote bos- en natuurgebieden , maar beseffen ook dat de populatie onder controle moet worden gehouden om schade aan de omliggende landbouwgebieden te vermijden.

Preventieve maatregelen en gerichte acties

Preventieve maatregelen, zoals het afspannen van tuinen of sportterreinen die grenzen aan bosgebied, het plaatsen van schrikdraad rond geïsoleerde landbouwpercelen en het aanlijnen van honden zijn doeltreffend, maar helaas niet voldoende. De everzwijnen moeten daarom ook op een doordachte manier bejaagd worden. Everzwijnen zijn slimme dieren die weten waar het veilig is en waar niet. Als ze actief bejaagd worden in landbouwgebieden, zullen ze die plaatsen al snel mijden en zich terugtrekken in de grote natuurgebieden, waar het rustig en veilig is. Zo zullen ze maximaal uit tuinen en akkers wegblijven. Als de populatie desondanks toch blijft toenemen, worden er een aantal gerichte acties georganiseerd in de kerngebieden. Dat gebeurt tijdens de wintermaanden, omdat landbouwgebieden dan minder schadegevoelig zijn en het dus niet zo erg is als everzwijnen zich daar na een jachtactiviteit tijdelijk ophouden.

Omdat het Meerdaalwoud onmiddellijk grenst aan grote landbouwzones, is een specifiekere jachtstrategie uitgewerkt. Bedoeling is om in de periode tussen zaaien en oogsten aan de bosrand intensief te jagen op everzwijnen. Zo zullen de dieren meer geneigd zijn midden in het bos te blijven, waar het veilig en voedselrijk is, en minder schade aan landbouwgewassen veroorzaken. Sinds 2016 was er een afschot van 24 everzwijnen in het Meerdaalwoud. Op een populatie van naar schatting 100 dieren is dat echter te weinig om groei van de populatie tegen te gaan.

Stille drukjacht: veilig en efficiënt

Daarom werd in het faunabeheerzoneoverleg afgesproken om deze winter 3 stille drukjachten te organiseren op everzwijnen. In Meerdaalwoud vindt de derde drukjacht plaats op 18 januari (in het deel ten westen van de N25). Op strategische plaatsen werden 45 hoogzitten geplaatst. Vandaaruit heeft de jager een goed overzicht en wordt elk schot opgevangen in de grond zodat het risico op een verloren kogel onbestaande is. Vijftig trackers in fluorescerende kledij wandelen in groepjes rustig door de bestanden, de natuurlijke verjonging, de bramen en de varens. In tegenstelling tot een drijfjacht worden de dieren niet opgejaagd, zodat de everzwijnen rustig in beweging komen en de hoogzit naderen van waaruit de jager een veilig schot kan plaatsen.
Deze methode wordt al decennia met succes toegepast in Duitsland, in de Ardennen en de laatste jaren ook in Vlaanderen. Het wildbeheer kan zo op een veilige manier, op een beperkt aantal dagen en met een beperkte verstoring worden uitgevoerd. Daarbij worden ook landbouwers, jagers, natuurbeheerders en gemeentebesturen actief betrokken zodat er een breder draagvlak ontstaat, zowel voor de gewenste aanwezigheid van dit iconische zoogdier in onze bossen als voor de noodzaak op actief beheer ervan.
Er staat een team met speurhonden klaar om indien nodig een zoekactie te organiseren wanneer een dier niet onmiddellijk teruggevonden wordt na een niet-dodelijk schot. Een veearts en het Instituut voor Natuur en Bosonderzoek volgen de jachtactiviteit mee op, conform de regels met betrekking tot de preventie van Afrikaanse varkenspest. Na de stille drukjacht volgt er een evaluatie en wordt er beslist of er navolging komt in andere delen van het bos.
Om de veiligheid nog beter te waarborgen worden de betrokken gebieden tijdens de stille drukjacht voor het publiek en andere boswerkzaamheden gesloten. Zo wordt de westkant van het Meerdaalwoud op 18 januari tussen 8 en 14 uur afgesloten. Vanaf 17 januari zal dat verbod aan alle toegangspaden geafficheerd worden. Wandelaars worden al vroeger ingelicht via de vaste infoborden.

De pers kan voor of na de jachtactiviteit terecht bij de woordvoerder of de regiobeheerder van het Agentschap voor Natuur en Bos. Tijdens de jacht is er om veiligheidsredenen geen mogelijkheid om de pers te woord te staan. Na de activiteit wordt er een persbericht verspreid met de resultaten.

Meer info: http://www.natuuralsgoedebuur.be/nl-BE/Everzwijnen#.W-563pCWxPY

Marie-Laure Vanwanseele
Directeur Communicatie | Woordvoerder Vlaamse Overheid
AGENTSCHAP NATUUR & BOS
Havenlaan 88 (bus 75), 1000 Brussel T 02 553 81 32, F 02 553 81 05, M 0499 86 51 58 E marielaure.vanwanseele@vlaanderen.be

Ir. Bart Meuleman
Regiobeheerder Meerdaal
Vlaamse Overheid AGENTSCHAP NATUUR & BOS
Prosperdreef 1, 3054 Oud-Heverlee (Vaalbeek) T 016 38 89 82 M 0479 67 94 00
E bart.meuleman@vlaanderen.be