Federale en lokale politie
De geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus, bestaat uit 2 peilers : de federale politie en de lokale politie. Deze niveaus zijn autonoom, maar er bestaan verbindingsmechanismen tussen beide.
Op 23 mei 1998 wordt het Octopusakkoord aanvaard ter hervorming van de politiediensten. Dit akkoord wordt vertaald in de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.
De klassieke politiediensten op dat ogenblik, de rijkswacht, de gemeentepolitie en de gerechtelijke politie bij de parketten, worden vervangen door een volledig nieuwe politiestructuur gestructureerd op twee niveaus : het federale niveau en het lokale niveau. Deze twee niveaus zijn autonoom en behoren tot het bevoegdheidsdomein van verschillende autoriteiten.
De lokale politie en de federale politie samen verzekeren de geïntegreerde politiefunctie. Ze zijn complementair en werken nauw samen om bij te dragen tot de veiligheid van het land en om de democratie te verzekeren. Er bestaan bindingen tussen beide : wederzijdse ondersteuning, structurele detacheringen, mobiliteit van personeel, aanwerving en gezamenlijke opleidingen.
De federale politie bestaat sinds 1 januari 2001 en telt ongeveer 15 000 personeelsleden. Zij verzekert de gespecialiseerde politiefunctie, alsook de supralokale opdrachten en de steun aan de lokale politie. Zij omvat zowel operationele (wegpolitie, scheepvaartpolitie, gerechtelijke politie, ...) als administratieve diensten (human resources management, beheer van de materiële middelen, ...).
Aan het hoofd van de organisatie staat een commissaris-generaal, hij coördineert drie algemene directies. Daarnaast beschikt de commissaris-generaal over enkele eigen directies :
- De Directie van de operationele politionele informatie.
- De Directie van de internationale politiesamenwerking.
- De Directie van de relaties met de lokale politie.
- De Directie van de speciale eenheden.
- Gedeconcentreerde coördinatie- en steundirecties.
De federale politie voert gespecialiseerde, bovenlokale opdrachten uit van bestuurlijke en gerechtelijke politie en ondersteunende opdrachten voor de overheden, voor de lokale en voor de federale politiediensten zelf.
Het lokale politieniveau wordt georganiseerd per 'Politiezone'. Het bevolkingsgericht politiewerk veronderstelt immers een sterke lokale verankering.
De lokale politie is samengesteld uit 196 korpsen ontstaan uit de samenvloeiing van de ex-gemeentepolitie en de vroegere territoriale brigades van de rijkswacht. 50 politiekorpsen vallen samen met het grondgebied van één stad of gemeente (ééngemeentezone) en 146 andere bestrijken meerdere steden en/of gemeenten (meergemeentenzones). De lokale politiekorpsen kunnen naargelang de oppervlakte, de verstedelijkingsgraad e.d. sterk verschillen in omvang en karakter. Zo varieert de personeelssterkte van een 50-tal personen in de kleinste politiezones tot 2800 in de grote stadskorpsen.
Elk lokaal politiekorps staat onder de leiding van een Korpschef, verantwoordelijk voor de uitvoering van het lokale politiebeleid. Hij verzekert de leiding, de organisatie en de verdeling van de taken in het korps. Hij oefent deze activiteiten uit onder het gezag van de Burgemeester voor de ééngemeentezones of onder het gezag van het Politiecollege voor de meergemeentenzones. Dit Politiecollege is samengesteld uit de Burgemeesters van de verschillende steden of gemeenten van de Politiezone.
Elk lokaal politiekorps bestaat uit een operationeel kader van politieambtenaren en agenten, en een administratief- en logistiek kader (CALog), samengesteld uit burgerpersoneel. De getalsterkte van deze twee kaders wordt bepaald door de Politieraad voor de meergemeentenzones of door de Gemeenteraad voor de ééngemeentezones, overeenkomstig de minimale normen, die bij Koninklijk Besluit zijn vastgelegd. De Politieraad is evenredig samengesteld uit gemeenteraadsleden van de verschillende steden of gemeenten van de Politiezone, op basis van het respectievelijke aantal inwoners. Vandaag werken een kleine 30.000 lokale politieambtenaren en ongeveer 900 leden van het administratief en logistiek kader samen in de 196 korpsen.
Deze filosofie van de lokale politie heeft betrekking op een globale en geïntegreerde benadering van het veiligheidsvraagstuk. Ze steunt op een maximale zichtbaarheid en voortgezette politieactiviteiten op een beperkt grondgebied, wat een verbetering van het contact tussen politie en bevolking toelaat. Men heeft het in dit verband over community policing of gemeenschapsgerichte politiezorg.
Om een minimale dienstverlening aan de bevolking te kunnen verzekeren, zijn er zeven functionaliteiten bepaald die voorzien moeten worden in elk lokaal politiekorps : wijkwerking, onthaal, interventie, politionele slachtofferbejegening, lokale opsporing en lokaal onderzoek, handhaving van de openbare orde en verkeer.
-
De wijkwerking bestaat in het verder ontwikkelen van wijk- en buurtgericht werken en de politionele zichtbaarheid. De politiedienst moet zichtbaar, aanspreekbaar en contacteerbaar zijn op het grondgebied van de Zone, rekening houdend met de lokale omstandigheden en de bevolkingsdichtheid. De minimale organisatienorm voor een wijkagent bedraagt 1 wijkagent per 4000 inwoners. Voor meer informatie : klik hier.
-
De functie onthaal bestaat uit het geven van antwoorden aan de burgers die zich fysiek aanmelden, of telefonisch of schriftelijk tot de politiedienst wenden. Zij worden er verwezen naar een interne of meer geschikte externe dienst. Het spreekt vanzelf dat in elke zone de permanente bereikbaarheid van een politiedienst in alle gevallen wordt verzekerd. In de meergemeentenzones beschikt elke gemeente over één of meerdere politieposten die, indien ze niet de klok rond bereikbaar zijn, aan de inwoner de mogelijkheid geven om met technische hulpmiddelen in contact te komen met een politieagent. Voor meer informatie : klik hier.
-
De functie interventie bestaat erin om binnen een passende termijn een antwoord te bieden op elke oproep waarbij een politionele interventie ter plaatse noodzakelijk is. Dit antwoord kan, gezien het geval en de context (ernst, dringende noodzaak, aard van de feiten) onmiddellijk verschaft of uitgesteld worden. In dit laatste geval moet de hulpvrager op de hoogte gebracht worden van de oorzaak en van de tijdsduur van vertraging. Deze functie wordt de klok rond binnen elke Politiezone georganiseerd. Voor meer informatie : klik hier.
-
De functie politionele slachtofferbejegening bestaat in het verschaffen van een adequate opvang, informatie en bijstand aan het slachtoffer. Elke politieambtenaar moet bekwaam zijn deze taak goed te volbrengen. In geval van confrontatie met een zeer ernstig slachtofferschap mag het korps een beroep doen op een gespecialiseerd medewerker, personeelslid van de politiediensten, inzake slachtofferbejegening. Eén gespecialiseerd medewerker per korps geldt als minimale werkings- en organisatienorm. Verschillende zones kunnen een gezamenlijke pool deskundigen oprichten. Voor meer informatie : klik hier.
-
De functie opsporing en lokaal onderzoek bestaat uit de uitvoering van de opdrachten die bij voorrang door de lokale politie worden vervuld overeenkomstig de Wet op het Politieambt, de Wet van 07.12.1998 en een richtlijn van 20.02.2002 van de Minister van Justitie. Het betreft opdrachten van opsporing en onderzoek die voortvloeien uit de gebeurtenissen en criminaliteitsfenomenen op het grondgebied van de zone, evenals enkele opdrachten van federale aard die door de lokale politie uitgevoerd moeten worden omdat deze liggen in de lijn van de dagelijkse politietaken en dus beter worden uitgevoerd door de politiedienst belast met de basispolitiezorg. In ieder lokaal politiekorps wordt 7 tot 10% van het effectief operationeel kader belast met deze recherchetaken. Voor meer informatie : klik hier.
-
De handhaving van de openbare orde bestaat in het vrijwaren en het herstellen van de openbare rust, de openbare veiligheid en de openbare gezondheid. Dit begrip, ruim gemeten, omvat niet enkel de problemen van handhaving van de openbare orde tijdens evenementen van grote omvang (betogingen, voetbalwedstrijden, lokale festiviteiten), maar ook de milieuproblematiek en het verkeer. Voor meer informatie : klik hier.
-
De functie verkeer beheerst het beheren van de lokale verkeersveiligheid, de strijd tegen verkeersinbreuken en de bijdrage tot het vlot verkeer op het grondgebied van de Politiezone. Dit met uitzondering van de autosnelwegen, waarvan het toezicht aan de federale politie toekomt. Deze taken groeperen zich rond vier assen : het voeren van preventieve en repressieve verkeersacties, interventie door de politiediensten bij ernstige en onverwachte verstoring van de mobiliteit, het vaststellen van verkeersongevallen en het verstrekken van advies op vragen over mobiliteit en verkeersveiligheid, afkomstig van de bevoegde overheden. Voor meer informatie : klik hier.